Archief van
Categorie: Formule

SCHATK.PRIJS

SCHATK.PRIJS

De formule SCHATK.PRIJS rekent uit wat de nominale waarde voor schatkistpapier (SCHATK) is per PRIJS 100 euro nominale waarde. Toepassing =SCHATK.PRIJS(stortingsdatum;vervaldatum;disc) Stortingsdatum: De stortingsdatum. Vervaldatum: De vervaldatum. Disc: Het discorentepercentage. Opmerking In Excel worden datums opgeslagen als seriële getallen. Dit zijn hele getallen waar uiteindelijk een berekening mee gemaakt kan worden. De eerste datum is 1 januari 1900, deze heeft ook het seriële getal 1. 2 januari 1900 heeft het getal 2 enz. #WAARDE! wordt weergegeven als stortingsdatum of vervaldatum…

Lees Meer Lees Meer

SCHATK.OBL

SCHATK.OBL

De formule SCHATK.OBL berekent het rendement op schatkistpapier (SCHATK), dit gebeurd op dezelfde manier als hoe het rendement op obligaties (OBL) wordt berekend. Toepassing =SCHATK.OBL(stortingsdatum;vervaldatum;disc) Stortingsdatum: De stortingsdatum. Vervaldatum: De vervaldatum. Disc: Het discorentepercentage. Opmerking In Excel worden datums opgeslagen als seriële getallen. Dit zijn hele getallen waar uiteindelijk een berekening mee gemaakt kan worden. De eerste datum is 1 januari 1900, deze heeft ook het seriële getal 1. 2 januari 1900 heeft het getal 2 enz. #WAARDE! wordt weergegeven…

Lees Meer Lees Meer

RRI

RRI

De formule RRI berekent wat de equivalente rente voor de toenemende waarde van een investering is. Toepassing RRI(aantal-termijnen;hw;tw) Aantal-termijnen: Het aantal termijnen. Hw: De huidige waarde. Tw: De toekomstige waarde. Opmerking #FOUT! wordt weergegeven als er voor een van de argumenten een ongeldige waarde wordt ingevoerd. #WAARDE! wordt weergegeven als er voor een van de argumenten een ongeldig gegevenstype is ingevoerd. Bijvoorbeeld Voor dit voorbeeld kan je de onderstaande tabel kopiëren. Hierbij hoort de volgende RRI formule:=RRI(B2;B3;B4) Het equivalente rentepercentage…

Lees Meer Lees Meer

LIN.AFSCHR

LIN.AFSCHR

De formule LIN.AFSCHR rekent uit wat de lineaire (LIN) afschrijving (AFSCHR) is over een bepaalde periode. Toepassing =LIN.AFSCHR(kosten;restwaarde;duur) Kosten: De aanschafkosten. Restwaarde: De waarde op het eind van de afschrijving. Duur: Aantal termijnen dat moet worden afgeschreven. Bijvoorbeeld Voor dit voorbeeld kan je de onderstaande tabel kopiëren. Hierbij hoort de volgende formule:=LIN.AFSCHR(B2;B3;B4) Het antwoord bedraagt € 4.000.

SYD

SYD

De formule SYD rekent de afschrijving die over een bepaalde termijn verschuldigd is uit. Dit gebeurd met de methode ‘Sum-Of-The-Years-Digit’. Toepassing =SYD(kosten;restwaarde;duur;termijn) Kosten: De aanschafkosten. Restwaarde: De waarde op het eind van de afschrijving. Duur: Aantal termijnen dat moet worden afgeschreven. Termijn: Welke termijn je de afschrijving wilt weten. Bijvoorbeeld Voor dit voorbeeld kan je de onderstaande tabel kopiëren. Hierbij hoort de volgende SYD formule:=SYD(B2;B3;B4;B5) De afschrijving in het 7de termijn is € 2.909,09.

IR.SCHEMA

IR.SCHEMA

De formule IR.SCHEMA berekent wat de interne rentabiliteit is voor een toekomstige serie van cashflows. Interne rentabiliteit (IR) is het rentepercentage die je ontvangt bij een investering. Dit bestaat uit positieve waarden (periodieke inkomsten) en negatieve waarden (periodieke uitgaven). Toepassing =IR.SCHEMA(waarden;datums;[schatting]) Waarden: Een bereik met waarden. Datums: Een bereik met datums. Schatting: Een schatting van wat je denkt dat de IR SCHEMA is. Deze waarde is niet verplicht, als je hem leeg laat wordt er 10% ingevuld. Opmerking In Excel…

Lees Meer Lees Meer

IR

IR

De formule IR wil zeggen dat het de interne rentabiliteit berekent voor een aantal cashflows die opgegeven zijn. De cashflows mogen best van elkaar verschillen en hoeven niet gelijk te zijn zoals bij een annuïteit. De cashflows moeten wel in een bepaalde regelmatigheid terugkeren. Interne rentabiliteit (IR) is het rentepercentage die je ontvangt bij een investering. Dit bestaat uit positieve waarden (periodieke inkomsten) en negatieve waarden (periodieke uitgaven). Toepassing =IR(waarden;[schatting]) Waarden: De waarden waarvoor je de IR wilt berekenen. Schatting:…

Lees Meer Lees Meer

IBET

IBET

De formule IBET rekent uit hoeveel rente je moet betalen bij een investering. Dit wordt uitgerekend over een bepaalde termijn, rekening houdend met een constante en periodieke betaling tegen een vaststaand rentepercentage. Toepassing =IBET(rente;termijn;aantal-termijnen;hw;[tw];[type_getal]) Rente: Het rentepercentage. Aantal-termijnen: Het aantal termijnen. Hw: De huidige waarde. Tw: De toekomstige waarde. Deze optie is niet verplicht. Als dit wordt weggelaten, wordt uitgegaan van 0. type_getal: Type betaling 1 betaling begin periode.0 of leeg betaling eind periode. Bijvoorbeeld Voor dit voorbeeld kan je…

Lees Meer Lees Meer

TW

TW

Middels de formule TW kun je de toekomstige waarde van een investering berekenen. Dit gebeurd op basis van een vast rentepercentage. Toepassing =TW(rente;aantal-termijnen;bet;[hw];[type]) Rente: Het rentepercentage. Aantal-termijnen: Het aantal termijnen. Bet: De betaling per termijn.. Hw: De huidige waarde. Deze optie is niet verplicht. Als dit wordt weggelaten, wordt uitgegaan van 0. type_getal: Type betaling 1 betaling begin periode.0 of leeg betaling eind periode. Bijvoorbeeld Je wilt graag geld gaan lenen voor een auto.Je weet dat je maandelijks €300 overhoudt…

Lees Meer Lees Meer

EFFECT.RENTE

EFFECT.RENTE

De formule EFFECT.RENTE rekent uit wat je per jaar aan effectieve (effect) rente hebt op basis van het nominale rentepercentage en op basis van het aantal termijnen dat betaald wordt per jaar. Toepassing =EFFECT.RENTE(nominale_rente;termijnen_per_jaar) Nominale_rente: Het nominale rentepercentage. Termijnen_per_jaar: Het aantal termijnen per jaar. Opmerking Excel zet datums om in seriële getallen om er mee te kunnen rekenen. Vul daarom het seriële getal in. Deze kan je opvragen met de formule DATUMWAARDE. #WAARDE! wordt weergegeven als een van de opgegeven…

Lees Meer Lees Meer