Archief van
Categorie: Wiskunde en trigonometrie

COSH

COSH

Met de formule COSH bereken je de cosinus hyperbolicus van een getal. Toepassing =COS(Getal) Getal: Een getal waarvan je de cosinus hyperbolicus wilt gaan berekenen. Opmerking De cosinus hyperbolicus word op de volgende manier uitgerekend: (e² + e-²) : 2. Bijvoorbeeld Bij dit voorbeeld gebruiken we de volgende COSH formule:=COSH(1,7) Het resultaat is 2,83. Afgerond op 2 decimalen met de formule AFRONDEN

COT

COT

Met de formule COT bereken je de cotangens van een hoek. Deze formule wordt pas ondersteund sinds Excel 2013 Toepassing =COT(getal) Opmerking Bijvoorbeeld Bij dit voorbeeld gebruiken we de volgende COT formule:=COT(1,5) Het resultaat is 0,07. Afgerond op 2 decimalen met de formule AFRONDEN

AGGREGAAT

AGGREGAAT

De formule AGGREGAAT laat aggregaat in een lijst of database zien. Deze formule kan verschillende statische functies op een opgegeven lijst of database toepassen, ook kunnen hier de verborgen rijen of kolommen en foutmeldingen worden genegeerd. De boogtangens is een hoek waarvan een opgegeven getal de sinus is. Toepassing Je hebt 2 varianten van deze formule. De verwijzingsvariant en de matrixvariant. Verwijzingsvariant: =AGGREGAAT(functie_getal;opties;verw)Matrixvariant: = AGGREGAAT(functie_getal;opties;matrix;[k]) Functie_getal: Kies voor een functie die je wilt toepassen. 1: GEMIDDELDE2: AANTAL3: AANTALARG4: MAX5: MIN6:…

Lees Meer Lees Meer

ONEVEN

ONEVEN

De formule ONEVEN zorgt dat een getal naar boven wordt afgerond op het dichtstbijzijnde gehele oneven getal. Toepassing =ONEVEN(getal) Getal: Getal dat je wilt afronden. Opmerking #WAARDE! wordt weergegeven als het geen numerieke waarde bevat. Bijvoorbeeld Bij dit voorbeeld gaan we het getal 11 inzetten in de formule. Je krijgt dan uiteindelijk deze formule:=ONEVEN(12) Het resultaat bij dit voorbeeld is dan 13.

ISO.AFRONDEN.BOVEN

ISO.AFRONDEN.BOVEN

De formule ISO.AFRONDEN.BOVEN zorgt dat een absolute waarde naar de meest dichtbij gelegen significante veelvoud wordt afgerond. De formule is in Excel 2013 geïntroduceerd. Toepassing =AFRONDEN.BOVEN(getal;significantie) Getal: Dit is het getal dat afgerond moet worden. Hier kan je zelf een getal invullen of het kan een celverwijzing bevatten Significantie: Veelvoud waarop je wilt afronden. Bijvoorbeeld Voor dit voorbeeld laten we het getal 12 op tientallen afronden. Dan krijg je de volgende formule:=AFRONDEN.BOVEN(12;10) Het resultaat is: 20.

COSECH

COSECH

De formule COSECH laat de cosecans hyperbolicus van de grootte van de hoek zien. De formule is in Excel 2013 geïntroduceerd. Toepassing =COSECH(getal) Getal: Dit is het getal dat omgezet moet worden. Opmerking #GETAL! wordt weergegeven als getal buiten de cellimieten valt. #WAARDE! wordt weergegeven als getal een niet-numerieke waarde bevat. Bijvoorbeeld Bij dit voorbeeld gebruiken we de volgende COSECH formule:=COSECH(1,5) Het resultaat is 0,47. Afgerond op 2 decimalen met de formule AFRONDEN

INVERSEMAT

INVERSEMAT

De formule INVERSEMAT geeft als resultaat de inverse van een opgegeven matrix. Toepassing =INVERSEMAT(matrix) Matrix: Geef hier het bereik met getallen op. Opmerking #WAARDE! wordt weergegeven als matrix leeg is of als matrix niet hetzelfde aantal kolommen en regels heeft. Bijvoorbeeld Kopieer onderstaande tabel naar Excel om het voorbeeld te volgen. We gebruiken onderstaande INVERSEMAT formule:=INVERSEMAT(A1:D4) De uitkomst is -1,7.

LOG

LOG

De formule LOG rekent uit wat het logaritme van een getal is. Dit kan door middel van het opgegeven grondgetal. Toepassing =LOG(getal;[grondtal]) Getal: Geef hier het getal op. Grondtal: Geef hier het grondgetal op. Bijvoorbeeld Voor dit voorbeeld gebruiken we het getal 52. Dan krijgen we de volgende formule:=LOG(52) Het antwoord is dan 1,72. Afgerond op 2 decimalen met de formule AFRONDEN

LN

LN

De formule LN rekent uit wat het natuurlijke logaritme van een getal is. Natuurlijke logaritmen bestaan uit het grondgetal e (2,71828182845904). Toepassing =LN(getal) Getal: Geef hier het getal op. Dit is niet verplicht, als je dit niet invult wordt er uitgegaan van 10. Opmerking LN is de inverse functie van EXP. Bijvoorbeeld Voor dit voorbeeld gebruiken we het getal 52. Dan krijgen we de volgende formule:=LN(52) Het antwoord is dan 3,95. Afgerond op 2 decimalen met de formule AFRONDEN

LOG10

LOG10

De formule LOG10 rekent uit wat het logaritme van een getal is. Op basis van het grondgetal 10. Voor het logaritme uit te rekenen met een ander grondgetal kan je de formule LOG gebruiken. Toepassing =LOG10(getal) Getal: Geef hier het getal op. Bijvoorbeeld Voor dit voorbeeld gebruiken we het getal 52. Dan krijgen we de volgende LOG10 formule:=LOG10(52) Het antwoord is dan 1,72. Afgerond op 2 decimalen met de formule AFRONDEN.